|
Terug | Home
| Verder
10. DE WET VAN INVOEGEN
Hoeveel
succes een gemeente heeft met evangeliseren en discipelen maken, is
evenredig aan de kwaliteit van haar relaties en de wijze waarop de
gemeente deze relaties onderhoudt.
De Wet van Invoegen luidt als volgt:
Een
gemeente die discipelen maakt, zorgt bewust voor een atmosfeer van
onderlinge zorg, zodat het aantrekkelijk is om een gelovige te worden en een
relatie met Jezus Christus te krijgen en met zijn Lichaam, de plaatselijke
gemeente. Mensen maken de stap om lid te worden.
Kernwaarde hoekpunt 1:
Iedereen heeft
er recht op om het evangelie te horen op zijn eigen begripsniveau.
Principes hoekpunt 1:
- De
tijdloze boodschap van de Bijbel is het antwoord op menselijke
behoeften (Psalm 19:8).
- De
redding van elk mens is de hoogste prioriteit van Christus en zijn
gemeente (Lucas 19:10; Matteüs
28:19,20).
- Allereerst
oefenen wij invloed uit op mensen door ons karakter en onze
bewogenheid. Als die invloed in orde is, hebben we een goede basis om
over het evangelie te praten (Marcus 6:33,34).
Gewoontes hoekpunt 1:
De gemeente die mensen wil invoegen wordt gekenmerkt door vier
gewoonten:
- Deze gemeente komt aan noden tegemoet:
- Ze begrijpt de mensen die ze wil
bereiken.
- Ze identificeert de behoeften van de
mensen.
- Ze is gevoelig voor momenten waarop mensen in het bijzonder open
staan voor het evangelie.
- Ze reageert op de noden van mensen.
- Deze gemeente bouwt aan relaties:
- Ze bouwt vruchtbare relaties.
- Ze zorg ervoor dat mensen betrokken raken.
- Deze gemeente brengt mensen onder in kleine groepen:
- Ze weet dat in kleine groepen nieuwe
mensen het beste worden bereikt.
- Ze weet dat in kleine groepen nieuwe
mensen zich het snelste thuis voelen.
- Deze gemeente verkondigt het evangelie:
- Ze werkt vanuit bestaande relaties met
onbekeerde mensen.
- Ze heeft begrip voor mensen die
stapsgewijs tot Christus komen.
- Ze geeft gemeenteleden training
zodat ze beter kunnen getuigen van hun geloof.
- Ze richt een gebedsfront op.
Doelen van discipelen die toegewijd zijn
aan het gemeentelidmaatschap
Hoe
komen we te weten of iemand lid is geworden en of de gemeente met succes de
Wet van Invoeging in praktijk brengt? Bij hoekpunt 1 zouden ware
discipelen de volgende kennis, gedrag en actie moeten weerspiegelen.
Ze weten:
-
wat
zonde is, en waarom mensen een redder nodig hebben;
- dat
zij gered kunnen worden door hun zonden te belijden en door Christus
als Redder en Heer aan te nemen;
- dat
de gemeente het lichaam van Christus is en een drievoudige missie van
aanbidding, opbouw, en evangelisatie te vervullen heeft;
- dat
de gemeente het gezin van God is en dat elke gelovige van vitaal
belang is voor de opdracht van de gemeente.
- dat
de Bijbel de onfeilbare en unieke openbaring van God aan de mensheid
is.
Hun levenshouding laat zien:
- dat
zij zich er bewust van zijn dat ze zondaren zijn;
- een
oprecht verdriet over zonde en een verlangen Gods redding aan te
nemen;
- een
verlangen om hun bekering middels de waterdoop te symboliseren;
- dat
zij de waarde van een christelijke gemeenschap erkennen;
- een
respect voor het goddelijk geïnspireerde,
onfeilbare Woord van God.
Ze doen het volgende:
- ze
komen tot God om vergeving te vragen;
- ze
keren zich berouwvol af van de zonde;
- ze
getuigen van hun bekering middels de waterdoop;
- ze
bezoeken consequent de samenkomsten van de gemeente;
- ze
gebruiken de Bijbel om christelijke geloofswaarheden te onderzoeken en
zich eigen te maken.
|